donderdag 11 december 2014 / Sprout /

Ondernemers

Ondernemen in een groeimarkt

Ondernemen in upcoming gebieden levert interessante kansen op. Kun je die zo oogsten of moet je er hard voor aan de bak? En waar loop je tegenaan in upcoming landen? Nederlandse ondernemers in de Filippijnen, Nigeria, Roemenië en Brazilië delen hun ervaringen.

 

Roemenië - Anna Heijker (27)

Bedrijf: Pitches & Presentations
Wat: Presentatietrainingen voor ondernemers en professionals.
Sinds: Mei 2013
Omzet: “Te grillig voor cijfers, maar een stijgende lijn.”

 

Zakelijk snel vooruit komen in een creatieve omgeving. Anna Heijker (27) kan iedere ondernemer de stap naar Roemenië aanraden. Anderhalf jaar geleden begon ze er haar bedrijf in pitchtrainingen nu heeft ze tientallen klanten, waaronder ING en de Roemeense Kamer van Koophandel

 

Na een wereldreis in 2011 en 2012 - al haar spullen in Nederland had ze verkocht - ging ze als marketingmanager aan de slag in Boekarest. Via co-working space Impact Hub en de Nederlands-Roemeense Kamer van Koophandel leerde ze meer over ondernemen. “Ik ontdekte al snel dat ik zelf ook wilde ondernemen.”

 

Heijker vroeg een beurs aan bij het Erasmus for Young Entrepreneurs en kreeg een businessmentor: een Nederlandse ondernemer in detrainingssector met vijftien jaar ervaring in Roemenië. Hij was de perfecte adviseur voor Heijkers plannen om presentatietrainingen te gaan geven aan Roemeense ondernemers en professionals.

 

Zes maanden later, in mei 2013 was haar bedrijf Pitches & Presentations een feit en stond Heijker als spreker op ZileleBiz, het grootste bedrijfsevenement van Roemenië.

 

Stempeltje

De snelheid is één van de dingen die Heijker zo leuk vindt aan het land: “Een afspraak voor morgenmiddag is zo gemaakt. Iedereen richt zich hier op de korte termijn en lost makkelijk onverwachte problemen op. Zo kun je als kleine ondernemer veel bereiken.”

 

Papierwerk gaat in Roemenië minder soepel. Alle contracten moeten in het Roemeens worden opgesteld en op elke bon en factuur hoort een stempeltje. Voor het openen van haar kantoor had Heijker de handtekeningen van drie verschillende buren nodig, het registreren van haar Roemeense bv duurde zelfs langer dan vijf maanden. “Dat was pech”, zegt Heijker. “Ik had direct een jurist in moeten huren, dan was het in een week geregeld.”

 

Verder merkt ze weinig van cultuurverschillen, ze moet hooguit oppassen dat professionele feedback niet persoonlijk wordt opgevat. “En je kan niet alles zomaar vertalen. Zo klinkt een letterlijk uit het Engels vertaald aanbod om te helpen in het Roemeens al snel alsof je iets wil verkopen.”

 

Nooit vervelen

Heijker vindt het prettig dat ze in Boekarest gewoon haar fiets als vervoermiddel kan gebruiken en het relatief dichtbij is. “Binnen drie uur zit ik in Amsterdam.” Ze geniet verder van de creativiteit in het land. “Het is onmogelijk om je te vervelen. Het stikt van de evenementen en er is nog veel onontdekt gebied. Bij de Impact Hub houden veel jonge ondernemers zich als social entrepreneurs bezig met recyclen. Behalve een Fransman en een Italiaan is verder iedereen Roemeens, mét buitenlandervaring.”

 

Kansen voor andere ondernemers ziet Heijker vooral in de it. “Bedrijven als Amazon zitten hier voor het programmeertalent.” In 2015 wil Heijker de eerste mensen aannemen, uiteindelijk staan ook trainingen in andere landen in de planning.

 

Do

‘Win bij ervaringsdeskundigen zoveel 

mogelijk informatie in. Hoe meer je

weet, des te groter de kans van 

slagen.’


Don’t
‘Je geduld verliezen wanneer je wacht

op papieren of stempels.’

 

 

 

Brazilië - Jan Boone (64)

Bedrijf: VAR do Brasil Ambiental Ltda (VBA)
Wat: productie van biomassa uit zaagsel en acaipitten
Sinds: 2008
Omzet: drie ton per maand

Medewerkers: 60

 

Het Nederlandse afvalverwerkingsbedrijf VAR van Jan Boone (64) staat al jaren in de belangstelling van landen als Zuid-Afrika, Bangladesh en China. Zij vroegen hem hoe ze de groei van hun afvalbergen konden stoppen. Boone: “Vooral Brazilië stond open voor een totaaloplossing zonder verbrandingsovens.”

 

Verwerkt VAR in Nederland één miljoen ton afval per jaar, in Rio de Janeiro ging het direct om zes miljoen ton. Boone begon te netwerken en zette pilots uit, maar hij liep tot drie keer vast. “Publiek geld moet worden aanbesteed”, zegt Boone. “In Brazilië kiezen ze daarbij niet voor de goedkoopste kandidaat, maar voor diegene met de beste connecties. Dat kun je als buitenlander wel vergeten.”

 

Specialisten gezocht

Na drie jaar gooide Boone het roer om. Hij praatte met Verantwoord Bos Beheer over de miljoenen tonnen afval die hij in Brazilië had zien liggen, en besloot los van de overheid zaagsel en pitten in te kopen. Hij stelde een Braziliaanse directeur aan en maakte een plan om het afval om te smeden tot blokken biomassa. Drankfabrikanten en slachterijen gebruiken het om warm water te stoken om de fabrieken mee schoon te stomen. “Stoken met een briket is voor hen drie keer goedkoper dan met olie.”

 

Het hele proces duurde vier jaar, pas in 2012 begon de boel te draaien. Sindsdien versleet Boone al twee directeuren en bleek het personeel telkens minder te kunnen dan beloofd. “Ik moest alles vanaf de grond opbouwen: opleidingen, duidelijke instructies en procedures. Brazilianen zijn lager opgeleid, maar denken wel alles te kunnen oplossen. Een bekend fenomeen zijn de zogenaamde va todos: alleskunners. Zij fabriceren een ketel voor de helft van de prijs, die er al snel mee ophoudt of waar stenen uit vallen. Specialisten zijn er in Brazilië nog niet echt, al zien we die wel snel opkomen.”

 

 

Geen contracten

Contracten met klanten heeft Boone al lang opgegeven. “Dat doen ze gewoon niet. Soms stopt de samenwerking ineens omdat de klant overstapt naar een concurrent die ons na probeert te doen. Als een maand later blijkt dat dit niet is gelukt, komt de klant vanzelf weer bij ons terug.” Invoeren doet Boone ook nooit meer: de Nederlandse mallen voor beton ter waarde van 35.000 euro liepen vast bij de douane en zijn nu al drie jaar kwijt.

 

Toch ziet Boone vooral potentie in Brazilië. “De markt is zo ontzettend groot. Je kunt er aan de slag met biomassa, waar miljoenen tonnen van weg liggen te rotten, maar ook met het verwerken van plastic. De lonen liggen hier beduidend lager dan in Europa en de infrastructuur en het opleidingsniveau verbeteren snel. Er is hier veel behoefte aan specialisten, bijvoorbeeld in het runnen van een bedrijf.”

 

Do

‘Stel een Braziliaanse directeur aan die

de vergunningen en bankzaken regelt.’

 

Don’t

‘Spullen importeren. Het is Braziliaans

beleid om dat zo lastig mogelijk te

maken.’

 

Dit artikel werd gepubliceerd in Sprout.

Beeld: Autobahn